Ik mag niet klagen.

Soms lees ik een artikel waar ik dagen later nog op loop te kauwen. Afgelopen week was dat dit artikel, over hoe we op moeten houden met elkaar wijs te maken dat het altijd allemaal weer beter kan gaan. Beter dan wat of wanneer? En wat is ‘beter’? Beter dan de achterburen? Beter dan die ene collega? Beter dan jezelf, een jaar geleden? En hebben we het dan over fysiek beter of mentaal beter? En wat bepaalt mentaal beter? Meer succes? Meer vrienden? Meer gezondheid? Een beetje van dat alles en misschien nog wat? Meer lekker eten? 

Kortom: schei toch uit met dat geneuzel over geluk. Op mijn nachtkastje ligt een boek met de titel: ‘Verdriet is het ding met veren.’
Geluk is ook zoiets. Het vliegt weg zodra je het ziet, zodra je het uitspreekt, probeert te duiden. 
Geluk is heel vaak niet meer dan de afwezigheid van ongeluk. Op vakantie: even weg van de dagelijkse beslommeringen. Heel even zorgeloos zijn, heel even het idee hebben dat alles nog mogelijk is. Geluk staat -denk ik- redelijk op een lijn met hoop. En hoop doet leven, zegt het spreekwoord. Vooral die hoopvolle momenten zetten we massaal op social media, waarmee we elkaar voeden in de illusie dat ons leven maakbaar is. En de hoop opgeven? Dat mag niet. 

In het eerder aangehaalde artikel, haalt auteur en filosoof Awee Prins ook fel uit naar het begrip ‘voltooid leven’. Volgens hem kan een leven nooit voltooid zijn. Nu ik vijftig ben en haast en berusting om voorrang strijden, kan ik dat alleen maar beamen. Maar wat betekent ‘voltooid’? Prins struikelt vooral over de woordkeuze’: ‘Een mensenleven is nooit voltooid. Wel bestaat er zoiets als een uitgeput en verwoest leven, of een verbitterd en vereenzaamd leven. Waarom noemen we het dan niet zo? Omdat het niet past in onze mooiweersamenleving.’

Ik adem uit. Dat bedoel ik. Daarom wrong die term ‘voltooid leven’ al zo lang tussen mijn oren. Zeg waar het op staat: ‘Mijn leven is uitgeput: ik ben er klaar mee.’. Ik zie daar het probleem niet zo van in; wat mij betreft heeft iedereen die daar goed over heeft nagedacht, alle recht om zelf te bepalen of verder leven nog de moeite waard is. Want dat is het, leven kost soms veel moeite, al willen de blijgoeroes die de kerk vervangen hebben, ons graag anders doen geloven. Liefst met peperdure cursussen natuurlijk. Want blij zijn kun je leren. Herstel: blij zijn moét je leren. Anders ben je mislukt en zul je nooit een voltooid leven krijgen. Wat dat ook mag zijn.  

En elke keer dwalen mijn gedachten weer naar het moment waarop ik besloot me nu echt en volledig uit te laten schrijven uit de R.K. Kerk. Dat viel nog niet mee. Vijf brieven moest ik sturen, aan verschillende niveaus van kerkelijke instanties. Ik werkte braaf het lijstje af, tot ik bij mijn doopsel aankwam. 

‘Nee mevrouw, dat gaat niet.’ 
‘Hoe bedoelt u? Is dat omdat de kerk waarin ik gedoopt werd niet meer bestaat?’
‘Nee mevrouw. U kunt zich niet laten ontdopen. Het Heilig Doopsel kan niet ongedaan gemaakt worden’
‘Maar ik was een baby van een paar weken oud toen ik gedoopt werd: ik heb daar nooit om gevraagd en niemand vroeg mij wat ik ervan vond?’
Ik kon hoog of laag springen: tot het einde van mijn tijd zal ik als katholiek gedoopt in de boeken staan. Of ik dat op zich nu echt zo problematisch vind doet eigenlijk niet ter zake: ik vind het hoogst merkwaardig dat er instituten bestaan die jou als wilsonbekwame pasgeborene in een religieus hokje stoppen waar je vervolgens nooit meer uit kan. Toen ik -puur om de grootmoeders van hun slapeloze nachten te verlossen- mijn kinderen liet dopen, vertelde niemand me hoe onherroepelijk hun doopsel zou zijn. De kleine lettertjes kreeg ik nooit te lezen. Je ziel verkopen voor een ijsje is er niks bij.

En vanuit die gedachte vind ik het ook problematisch dat de eigenaar van een leven dat niet medisch ondraaglijk is en die wél volwassen en wilsbekwaam is, kennelijk nog steeds niet het recht heeft om te zeggen: ‘Ik vind het goed geweest.’

Dat leven krijg je ook maar ongevraagd cadeau. Nouja, tenzij je in reïncarnatie gelooft. Volgens sommige stromingen in deze leer, komt jouw huidige leven voort uit vorige levens en heb je er in zekere zin zelf voor gekozen.

Durf dan nog maar eens te klagen.

2 Replies to “Ik mag niet klagen.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *